megafoon
Afbeelding: canva.com

Het kan je niet ontgaan zijn, de toenemende aandacht online en in de media voor vraagstukken als sexisme, racisme en andere -ismes. Het houdt mij flink bezig. En als ik zo online kijk, ben ik niet de enige.

Maar wat blijkt? Omdat ik het er hier nooit over heb, verandert er ook weinig. Dus bij deze.

Waarom je baas een witte man is (als je in technologie werkt)

Het lastige aan die vraagstukken, waarvan je echt wel voelt dat ze er zijn en die je echt wel zou willen veranderen, is dat je vaak niet weet wat je er aan moet doen. Er zijn dappere activisten die online en offline laten horen wat ze denken. Maar voor anderen is het lastig. Ze zijn het er wel mee eens dat racisme fout is en sexisme verwerpelijk. Maar hoe doe je er iets aan?

Als witte vrouw (ik heb onlangs geleerd dat ‘blank’ bepaalde associaties heeft en dat lijkt me heel aannemelijk) vraag je jezelf sowieso af wat je nou kunt doen of zeggen. De angst om mensen voor het hoofd te stoten is groter dan de behoefte om te zeggen wat je er van vindt. Bij mij althans.

Ik las net dit artikel: Why your boss is still a white guy. Er staan goede dingen in, vind ik. Het doet je denken over wat belangrijk is.

En hoe je dingen verandert waarvan je vindt dat ze belangrijk zijn.

Verandering vraagt dat de stille meerderheid zich laat horen.

Bijvoorbeeld door een voorbeeldrol zoals de auteur van het stuk hierboven doet. OK, zij heeft een driedubbele voorbeeldrol: vrouw, Latino en vrouw-in-technologie. Misschien voelt ze daarom ook meer verantwoordelijkheid of meer betrokkenheid. Al zouden wij die net zo goed kunnen voelen.

Maar ze doet het toch maar, zich uitspreken vanuit haar positie als leider binnen de technische gemeenschap. Niet altijd zo vanzelfsprekend in de wereld van de start-ups, waar vrouwen die zich uitspreken tegen sexisme en discriminatie vaak op een verschrikkelijke manier belaagd worden, tot doodsbedreigingen aan toe.

Of door verantwoordelijkheid te nemen voor de boodschappen die je, met de kracht van honderdduizenden euro’s de wereld in stuurt. Dove probeert het anders te doen met campagnes gericht op zelfacceptatie en het omarmen van diversiteit. Heel anders dan de kerstreclame van de Plus die ik gisteren op TV zag. “Dat is het mooie van buffetten. Moeder minder stress in de keuken, en meer tijd voor elkaar.” Ze zeggen het echt.

Door je als coach op te werpen. Waar moet je heen als je worstelt met vraagstukken die te maken hebben met jouw positie ten opzichte van die van anderen? Als je vrouw bent in een ‘mannenwereld’? Zwart in een witte wereld? Een andere religie hebt dan vrijwel al je collega’s? Met wie kun je praten? Wie schrijft er over de dingen die jij zelf ook ervaart en hoe je die moet oplossen of vermijden of te lijf gaan? Wie helpt je?

Maar vooral door te zeggen wat je vindt.

Als meer mensen zeggen wat ze vinden, kunnen we de conversatie online en offline beter sturen. Dan zijn het niet meer de extreme meningen die de overhand krijgen. Dit is iets dat in dat stuk eerder in dat artikel staat, maar dat ook naar voren komt uit een onderzoek van TNO: online normoverschrijvend gedrag is ieders verantwoordelijkheid.

Uit het stuk van TNO:

“…het is belangrijk dat de stille meerderheid zich laat horen met haar corrigerend vermogen richting groepen die meer extreme online normen kennen.”

Dat sluit precies aan bij wat wat ik steeds meer mensen online hoor zeggen: prima dat je als ‘witte’ vindt dat je geen racist bent, als niet-moslim ‘niets tegen moslims hebt’, als man vindt dat sexisme verwerpelijk is.

Maar zeg het dan ook.

Het is eng om je online uit te spreken over zulke zaken.

Ik vind van alles, maar ik zeg er nauwelijks iets van. Net als veel van ons wil ik geen discussie. Geen gezeur. Geen negativiteit. Geen nare reacties. Ik durf het onderwerp ‘Zwarte Piet’ zelfs niet met mijn familie te bespreken, na de negatieve reacties die ik ooit kreeg toen ik vertelde wat ik vond.

Tegelijkertijd kijk ik vol bewondering naar (zwarte) vrouwen en moslims die continu aankaarten wat er volgens hen mis is. Die een noodzakelijk tegengeluid bieden. Soms veel extremer dan ik ooit zou zijn. Maar toch vind ik het knap.

Als we met zijn allen iets zouden zeggen, zouden we dat extreme ‘normoverschrijdende’ gedrag denk ik de kop in kunnen drukken. We kunnen het niet alleen overlaten aan al die social media platformen zelf.

Menselijkheid heeft nog steeds waarde

Dat heb ik niet van mezelf: zie Deze tijd vraagt om menselijkheid.

Het gevoel dat het allemaal geen zin heeft, dát heeft geen zin. Redelijk denkende mensen zijn nog altijd in de meerderheid.

De ontwrichtende geluiden klinken zo luid, omdat we stil zijn en zwijgen. Als je hard schreeuwt in een zaal vol stille mensen, kan iedereen je horen. Maar als al die mensen rustig (door) praten, valt je geschreeuw weg in de massa.

We moeten meer onze mond open doen.

Al is het door te retweeten, delen en te ‘favoriten’. En af en toe te bloggen.

Moet kunnen.

Moet.

Met dank aan Inge, Heleen, Paul en Agnes voor de motivatie!